Nieuws :: OBV :: Lid worden :: Kalender :: Clubavonden :: Klimschool :: Wandelen :: Cursussen :: Mountainbike :: Conditietrainingen :: Artikels :: Foto's :: Forum :: Links
Activiteiten
11/09 Sportief Gent
12/09 KVB3
23/09 Clubavond Reiscafé
03/10 Open klimdag Mozet
10/10 KVB3 - examen
15/10 Cursus onderhoud van materiaal

volledige kalender
Forum
Recentste bericht:
Re: Climbing in Berdorf
door fredjen (Gast)
06/08/2010 12:24

naar het forum
Foto van de week


door Erwin

bekijk alle foto's
Nieuwsbrief
Schrijf je in op onze nieuwsbrief:



Jouw account
Email-adres:

Paswoord:


Nieuwe account
Partners
Hosted by Pong.be
Hochtouren in het Ortlermassief met de Bergsteigerschule van OEAV.

Zoals de voorgaande jaren had ik mij ook dit jaar ingeschreven voor een stage met de Bergsteigerschule. De keuze viel op het Ortlermassief dat zich op de grens bevindt van drie Italiaanse provincies, nl. Zuid-Tirol , Lombardia en Trentino.

In het Ortlermassief bevinden zich, als men de Berninagroep buiten beschouwing laat, de hoogste toppen van de oostelijke Alpen, met name de Ortler (3905 m) en de Königspitze (3851 m), en daarnaast meer dan 30 toppen boven de 3500 m. Talrijke beklimmingen hebben bovendien reeds een uitgesproken westalpien karakter.

De toegang tot het gebied vanuit Zuid-Tirol is mogelijk via het Suldendal, het Martelldal en het Ultendal, waarbij de twee eerstgenoemden zeker de meest gekende zijn.

Aangezien het voorziene programma enigszins verstoord werd door de minder gunstige weersomstandigheden wordt hierna geen relaas gegeven van de volledige week, maar beperk ik mij tot de beschrijving van een tweetal uitgevoerde touren. Op het programma stonden onder meer de beklimming van de Königspitze (niet uitgevoerd) en de overschreiding Zufallspitzen - Monte Cevedale (ingekort tot een "eenvoudige wandeling" naar de Cevedale vanaf de Casatihut).

Op vrijdag 20/07/01 hielden we noodgedwongen zelfs een rustdag in de Casatihut vanwege een heuse sneeuwstorm die ca. 50 cm verse sneeuw aanvoerde.

De groep bestond uit de gids Josef (Pepp voor de insiders), Ute ( een niet onknappe blondine uit Wenen met hollandse roots), Ingrid ( een naar Oostenrijk uitgeweken Münchnerin), Christian uit Salzburg en mezelf uit ons vlakke Belgenland.

Maandag 16/07/01 : Zufallhut (2265 m) - Cima Venezia (3386 m) - Zufallhut

Na een hele nacht regen en wind worden we om 6 u gewekt door de gids. Het is fris, de bergen zijn bepoederd met verse sneeuw, maar de lucht is uitgeklaard. Na het ontbijt worden de laatste spullen weggestouwd en om 7u15 vertrekken we naar ons doel van de dag, de Cima Venezia gelegen ten zuiden van de hut.

Vanaf de hut volgen we het pad nr. 150 naar de Casatihut tot aan de stuwdam over de Plina. De dam bestaat uit opeengestapelde kolossale steenblokken en werd destijds gebouwd om de grote smeltwaterhoeveelheden te bufferen.

Ter hoogte van deze constructie splitst het pad en nemen we de weg naar de Martellerhut (nr. 103) die op 2610 m hoogte gelegen is. Aanvankelijk loopt het pad door de vlakke dalbodem waar de Plinabeek zich meanderend een weg zoekt. Boven ons stort het smeltwater van de Hohenferner (Ferner = gletsjer) in meerdere watervallen met veel gedonder naar beneden.

Na ongeveer 1 kilometer buigt het pad naar het zuiden en wordt de weg steiler. Na vele zigzag bewegingen en natuurlijke trappen bereiken we rond 8u15 de Martellerhut. Hier heeft men een prachtig zicht op de Zufallspitzen en de Cevedale en verschijnt ook de steile piramide van de Königspitze in het vizier.

Na een korte fotopauze stappen we verder langs een klein smaragdgroen meertje (Untere Konzenlacke) en volgen we het golvend pad over de kam van een zijmorene van de Fürkeleferner. Op een hoogte van ca. 2700 m worden de eerste sneeuwvelden gekruist.

Op 2900 m hoogte bereiken we de Hohenferner. Hier wordt de cordée gevormd en de gletsjer in zuidelijke richting gedwarst. Doel hierbij is een kleine inzinking van de graat ten westen van de Cima Marmotta.

Aanvankelijk is de gletsjer vrij vlak (vals plat), naarmate de graat nadert wordt hij steiler met een maximale helling van ca. 35 ° vlak voor de graat bereikt wordt. Spleten hebben we niet gezien daar er nog vrij veel sneeuw lag, maar het blijft steeds uitkijken.

Rond 11u30 bereiken we de graat op 3300 m hoogte, dit na ca. 4 uur stappen wat volgens de boekjes vrij lang is maar ondermeer veroorzaakt wordt door de stormachtige wind die vanaf 100 m onder de kam op ons inbeukt en ons tot de nodige voorzichtigheid noopt. Hier wordt het touw ingekort, maar blijven we in cordée hetgeen naar veiligheid voordelen biedt maar praktisch het verdere klimwerk bemoeilijkt.

De route van hieruit verloopt volledig over de graat in noordoostelijke richting waarbij achtereenvolgens de Cima Marmotta (3330 m ) en verschillende kleine rotsformaties op en afgeklommen worden. Tussenin liggen een aantal firnvelden waarbij dient gelet op de naar het noorden overhangende sneeuwmassa's (wächten) en men best aan de zuidelijke kant blijft.

De graat is ca 1 km lang en bevat technisch geen moeilijkheden. Af en toe is wat klauterwerk nodig in de steilere rotspassages, maar algemeen kan men de kam zonder gebruik van de handen afstappen. Mensen met hoogtevrees zijn hier echter niet op hun plaats. In normale omstandigheden heeft men ongeveer 30 à 45 minuten nodig om de top van de Cima Venezia vanaf de Cima Marmotta te bereiken, wij deden er meer dan een uur over gezien de stormachtige wind en de verse sneeuw. Ook het feit dat de cordée aangehouden bleef, wat niet echt nodig was, was niet echt bevorderlijk voor het tempo. Anderzijds was het ook niet de bedoeling om er een koers van te maken.

De top wordt gesierd door een vervallen houten kruis en biedt bij mooi weer prachtige vergezichten op de Brenta, de Presanella- en Adamellogroep, de Bernina en natuurlijk de nabije "reuzen" Ortler, Zebru en Königspitze. Wij waren al blij dat we elkaar nog zagen. Het is eveneens mogelijk de tweede en derde Cima Veneziatoppen (resp. 3371 m en 3356 m) te beklimmen via een verdere overschreiding, wat op die dag niet voor ons weggelegd was. Volgens het Gipfelbuch waren wij pas de tweede cordée die de top in de zomer van 2001 bereikte (rust en eenzaamheid troef).

De afdaling werd via dezelfde route afgelegd, waarbij handig gebruik gemaakt werd van de oude sneeuwvelden om het skien zonder latten te oefenen. Via een tussenstop in de Martellerhut en zonder echt nat te worden (ondanks de vele wolken) bereikten we omstreeks 16u15 onze thuisbasis, de Zufallhut.

Dinsdag 17/07/01 : Zufallhut (2265 m) - Butzenspitze (3300 m) - Eisseespitze (3230 m) - Casatihut (3254 m)

Vandaag verplaatsen wij ons naar de Casatihut, gelegen op het Langenfernerjoch op 3254 m hoogte net onder de Suldenspitze, de huisberg van Sulden. De hut ligt reeds in de provincie Lombardia en is dus op en top Italiaans, ook al kan men er ook met Duits terecht.

De route verloopt via het ruime en goed onderhouden pad nr. 150 dat de rechtsteekse verbinding vormt tussen Martelldal en het Langenfernerjoch waar men de oversteek kan maken naar de Pizzinihut en de Fornihut in de Valle dei Forni en verder naar Santa Caterina Valfurva.

Op een hoogte van ongeveer 2600 m t.h.v. de kruising van de Butzenbach verlaten we dit pad en buigen we in noordwestelijke richting af in het Butzendal. Hier is geen pad meer, hooguit een spoor en de alom aanwezige Steinmänchen. Hier zijn we alleen, de schapen buiten beschouwing gelaten, in een prachtig groen en niet verstoord zijdal. We lopen er langzaam klimmend over malse groene almen, kruisen een aantal beekjes en sneeuwvelden en sturen in de richting van het Butzenjoch. De laatste 200 hoogtemeters tot het joch lopen over een groot sneeuwveld, waar we besluiten ons toch maar in te binden. Een juiste beslissing want al gauw zien we de eerste spleten. Een spoor is er niet, maar het joch is duidelijk zichtbaar. Op het einde wordt het sneeuwveld vrij steil en ijzig wat ons noopt tot het hakken van trapjes, waarna we het joch bereiken op ca 3200 m hoogte.

De resterende weg tot de top verloopt over een brede kam, in de gids beschreven als eenvoudig, echter vol brol en modder, geen enkele steen ligt vast! Bovendien worden we net op de kam getroffen door een onweer, dat ons noopt in hurkpositie te kruipen. Gelukkig is het onweer slechts van korte duur en kunnen we na wat zwoegen en veel vloeken onze tocht verderzetten. Na vier uur stappen bereiken we de brede vlakke top van de Butzenspitze die een bevoorrechte plaats inneemt bij de panoramabergen met zicht op het befaamde drieluik van de Ortlergroep.

Vanaf hier wordt de verbindingsgraat gevolgd tot op de Eisseespitze, zo'n 2km lang over rots en kleine sneeuwvelden, op en af , beetje klauteren maar zonder technisch moeilijk te zijn. Bij mooi is deze route beslist een aanrader omwille van de permanente prachtige panorama's aan beide zijden van de kam.

Op de top houden we een uitgebreide lunchpauze en worden de obligate topfoto's getrokken. Even voorbij de top verlaten we de graat in zuidelijke richting en dalen we een stuk af (ca. 200 hoogtemeters) naar de Langenferner waar we de directe weg (spoor) naar de Casatihut vervoegen. Het is eveneens mogelijk de graat verder te volgen tot aan het Eisseejoch en dan pas de Langenferner te betreden.

Na een laatste 2 km over de gletsjer en opnieuw een te overbruggen hoogteverschil bereiken we de ruime Casatihut om 15u30, na een tocht van ca. 8 uur (6 à 7 uur stappen).

Het terras is verlaten, een ijzige wind doet ons snel in de Gästestube vluchten waar tot onze aangename verrassing de kachel brandt (en dit ook de 4 komende dagen zal doen). De drukte op deze gekende hut is niet te bespeuren, maximaal 40 mensen waar er plaats is voor 280, zo zie je maar dat minder goed weer ook zijn voordelen kan hebben.

Hierbij ga ik het laten, misschien komt er nog wel een vervolgverhaal, daar er in deze streek nog heel wat op het menu staat dat het hart van iedere bergwandelaar en/of alpinist sneller doet slaan.

Door Luc Van der Sluys

Laatste aanpassing op 06/02/2009 10:24
webmaster@oostvlaamsebergsportvereniging.be